(De positie van senior werknemers deelII)

Vraag een willekeurig persoon een oudere werknemer te schetsen en de kans is groot dat uw gesprekspartner vervalt in stereotyperingen als traag, inflexibel, weinig productief enz. Doet dit stempel recht aan de oudere werknemer? Nee, zeker niet gezien de mate van belastbaarheid van een oudere werknemer.

Allereerst is er de lichamelijke belastbaarheid. Het is evident dat deze met de toename van de jaren achteruit gaat. Om de ‘nadelen’ hiervan te beperken kun je veel werk hierop aanpassen. Hoewel bij ziekte de verzuimduur van ouderen toeneemt, neemt de verzuimfrequentie juist af. Daarnaast is er de mentale belastbaarheid. Een bekend gegeven is dat de snelheid van informatieverwerking (vloeiende intelligentie) afneemt met de leeftijd. Hier staat tegenover dat automatische, op kennis gebaseerde, procedurele vermogens (gekristalliseerde intelligentie) tot het 65e jaar alleen maar vooruit gaan.

Tot slot de psychische belastbaarheid. Het zal u niet verbazen dat deze hoger is dan die van een jongere werknemer. Psychische problemen komen meer voor onder jongeren, zij zijn meer emotioneel uitgeput en hebben meer last van psychosomatische klachten. U kunt zelf bedenken dat hier de verschillende levensfases van mensen een belangrijke rol spelen. 

Concluderend kan worden gesteld dat de onderscheidende belastbaarheid van senior werknemers ten opzichte van die van niet senioren pleit voor het aannemen en/of behouden van oudere werknemers. Zeker in bepaalde functies waar bovenstaande belastbaarheid prevaleert, de negatieve beeldvorming ten spijt!

Lezers die over dit onderwerp zich verder willen verdiepen, verwijs ik graag naar:
1. De toekomst van oudere werknemers: de revival van een ‘oud’ thema in de arbeids- en organisatiepsychologie, geschreven door M.C.W. Peeters, A. Nauta, J. Jonge de & R. Schalk (Gedrag en Organisatie 2005 –18, nr. 6, 297- 307.);
2. Leeftijdsbewust personeelsbeleid, geschreven door R.Peters (1995) (uitgeverij Thema).